Kent gij dat volk vol heldenmoed
En toch zo lang geknecht?
Het heeft geofferd goed en bloed
Voor vrijheid en voor recht.
Komt, burgers! Laat die vlaggen wap’ren
Ons lijden is voorby;
Roemt in de zege onzer dap’ren:
Dat vrije volk zijn wij.
Dat vrije volk, dat vrije volk,
Dat vrije, vrije volk zijn wij!
Kent gij dat land, zo schaars besocht
En toch zo heerlik schoon!
Waar de natuur haar wond’ren wrocht
En kwistig stelt ten toon?
Transvalers! Laat ons feestlied schallen!
Daar, waar ons volk hield stand,
Waar onze vreugdeschoten knallen,
Daar is ons vaderland!
Dat heerlik land, dat heerlik land,
Dat is, dat is ons vaderland!
Kent gij die Staat, nog maar een kind
In ‘s werelds Statenrei
Maar toch door ‘t machtig Brits bewind
Weleer verklaard voor vrij?
Transvalers! Edel was uw streven
En pynlik onze smaad;
Maar God, die uitkomst geven,
Zij lof voor d’eigen Staat!
Looft God. Looft onze God,
Looft onze God voor land en staat!